Milieuloket:
Biodiversiteit

bij Biodiversiteit

 

Biodiversiteit

Bloemen

Het aantal soorten planten, dieren en micro-organismen wordt ook wel biodiversiteit genoemd. Ook de verschillende levensgemeenschappen of ecosystemen, zoals zee, rivieren, duinen, heide en bossen vallen onder biodiversiteit. Kortom, biodiversiteit omvat de rijkdom aan leven in de natuur.

De biodiversiteit neemt snel af. Zo blijkt uit een onderzoek van onder meer de Duke University (North-Caroline, VS) in juli 2010 dat een kwart van de bloeiende planten met uitsterven wordt bedreigd. En de internationale natuurorganisatie IUCN stelt dat 16.000 soorten dieren en planten met uitsterven worden bedreigd. In Nederland worden ongeveer 340 soorten bedreigd.

Het beschermen van biodiversiteit is om verscheidene redenen van groot belang. Zo levert biodiversiteit grondstoffen op voor voedsel, energie en woningen. Bossen kunnen erosie en overstroming tegengaan. Bovendien kan biodiversiteit het klimaat reguleren. De belangrijkste oorzaken van het afnemen van biodiversiteit is het aantasten, het vervuilen en het overbenutten van de leefgebieden. Daarnaast speelt klimaatverandering ook een belangrijke rol.

Om de biodiversiteit te beschermen wordt er op meerdere niveaus beleid gevoerd. Op het hoogste niveau zijn er algemene milieuregels, die zich bezighouden met de uitstoot van (gevaarlijke) stoffen. Dan is er beleid dat zich met de bescherming van gebieden bezig houdt. En als laatste vindt er ook bescherming van specifieke soorten plaats.

Inhoud

1.

Oorzaken

Volgens de evolutieleer vinden er tijdens de voortplanting van planten en dieren allerlei kleine aanpassingen plaats. De soorten die zich op deze manier het beste aan de omgeving aanpassen overleven, en anderen sterven uit. Het is dus niet zo gek dat soorten uitsterven. Het is echter duidelijk dat dit heel erg snel en vaak gebeurt en dat er niet veel nieuwe soorten voor de uitgestorven soorten in de plaats komen.

Eerdere periodes waarin veel soorten uitstierven (extinctie periodes) werden veroorzaakt door klimaatsveranderingen. Het broeikaseffect heeft schadelijke gevolgen voor dieren, omdat de leefomgevingen erg snel van klimaat veranderen.

Een andere belangrijke oorzaak is de mens. Zij zijn mede verantwoordelijk voor het uitsterven van soorten door op ze te jagen, ze te plukken en met bestrijdingsmiddelen te verdelgen. Ze introduceren uitheemse soorten die de natuurlijke balans verstoren en zorgen voor voor een verlies van biodiversiteit door het overmatig kweken van bepaalde planten, zoals genetisch gemodificeerde organismen.

Indirect hebben mensen door verzuring, verdroging en vermesting te veroorzaken de planten aangetast. Dit heeft weer gezorgd voor een sterke afname in het aantal dagvlinders en broedvogels, soorten waar internationaal gezien Nederland een belangrijke leefplaats voor biedt.

2.

Gevolgen

De afname van de biodiversiteit heeft gevolgen voor de mens. Als er immers niet snel genoeg maatregelen worden genomen zal dit nadelige gevolgen hebben voor economieŽn, leefgebieden en levens die afhankelijk zijn van ecosystemen. Dit stelt de VN in haar onderzoek 'Global Biodiversity' in mei 2010.

Ecosystemen zijn namelijk van levensbelang, ook voor de mens. Zo zetten groene planten CO2 om in zuurstof, wat nodig is voor de mens om te ademen. Ecosystemen vormen ook de basis voor al ons voedsel, want voedsel kan niet verbouwd worden zonder schoon water en een vruchtbare grond, die levensvatbaar gemaakt en gehouden worden door alle bacteriŽn en kleine organismen die erin leven. Daarnaast is het voor onderwijs en ethische redenen niet verantwoord om andere soorten massaal te laten uitsterven. Maar de balans in een ecosysteem is moeilijk te doorgronden en het is niet altijd even makkelijk om te weten hoe de natuur het beste beschermd kan worden.

3.

Het beleid en biodiversiteit

De gevolgen van het afnemen van biodiversiteit zijn dus merkbaar. Wereldwijd worden er dan ook maatregelen genomen om dit tegen te gaan door bijvoorbeeld bepaalde leefgebieden en plant-en diersoorten te beschermen. De Ecologische Hoofdstructuur (EHS) en Natura 2000 zijn voorbeelden van maatregelen die het doel hebben bescherming te bieden aan leefgebieden en plant-en diersoorten.

Ecologische Hoofdstructuur (EHS)

Natuurgebieden in Nederland zijn schaars en in veel gevallen niet met elkaar verbonden. Dit maakt soorten kwetsbaar voor bedreigingen omdat ze niet kunnen uitwijken van hun leefomgeving en het maakt het moeilijk om natuurgebieden te beschermen tegen vervuiling. Een van de belangrijkste taken van het Nederlandse milieubeleid, is dan ook het realiseren van de Ecologische hoofdstructuur (EHS), die tot doel heeft natuurgebieden in stand te houden en te ontwikkelen, zodat plant-en diersoorten en ecosystemen kunnen voorbestaan.

De EHS probeert haar doelstelling te behalen door het zo goed mogelijk met elkaar verbinden van landbouwgebieden die worden beheerd volgens agrarisch natuurbeheer, bestaande natuurgebieden, waaronder 20 Nationale Parken met een totale oppervlakte van 123 duizend hectare, en ruim zes miljoen hectare aan grote wateren. Uiteindelijk moet de Nederlandse EHS samen met de natuurgebieden in andere Europese landen het aaneengesloten pan-Europees Ecologisch Netwerk (PEEN) gaan vormen.

Veertig procent van de EHS, die alleen op land al 728.500 hectare zal beslaan, is inmiddels gerealiseerd. Het lijkt echter onwaarschijnlijk dat het doel om de EHS in 2018 gerealiseerd te hebben, gehaald zal worden. Het kabinet Balkenende-II zette erop in dat een groot deel van de nieuwe natuur door particulieren aangekocht en beheerd zou worden. In de praktijk was per eind 2002 slechts een procent van het particuliere aankoopdoel gerealiseerd en er lijkt nog altijd niet veel animo voor. Ook het plan om agrarisch natuurbeheer aan te wenden voor 12.5% van de nog te realiseren EHS lijkt op een gebrek aan animo te stuiten en daarbij komt nog dat agrarische natuur ook lagere kwaliteitsnormen met zich meebrengt.

Ondanks deze negatieve berichten wil het nieuwe kabinet-Rutte nog altijd dat de EHS in 2018 klaar is. Het kabinet heeft de vorm van de EHS echter wel aangepast. Waar eerst veel aandacht werd besteed aan de aankoop van nieuwe natuurgebieden, zal nu vooral ingezet worden op het beheer van de bestaande EHS.  

Natura 2000

Natura 2000 is een netwerk van beschermde natuurgebieden, dat door de lidstaten van de Europese Unie in 1992 werd opgezet. Het netwerk dient ter bescherming van zowel de gebieden (natuurlijke habitats) als de wilde planten en dieren op het Europese grondgebied van de lidstaten.

4. Europa en internationaal

Ook op Europees en internationaal niveau wordt samengewerkt om het verlies van biodiversiteit tegen te gaan. Zo heeft de EU in 1992 op de VN-Conferentie Milieu en Ontwikkeling in Rio de Janeiro het Verdrag Biologische Diversiteit ondertekend. Bovendien hebben de regeringsleiders van de EU-lidstaten in 2001 afgesproken de afname van biodiversiteit een halt toe te roepen voor 2010. De Europese Commissie heeft vervolgens in 2006 de beleidsplannen Het tot staan brengen van het biodiversiteitverlies tegen 2010 en daarna, De ecosysteemdiensten in stand houden in het belang van de mens gepubliceerd.

Bovendien hebben meer dan 190 landen tijdens een VN-top over duurzame ontwikkeling in Johannesburg in 2002 afgesproken maatregelen te nemen tegen de afname van biodiversiteit. De deelnemende landen wilden het verlies van biodiversiteit voor 2010 vertragen, het jaar van Internationaal Jaar van de Biodiversiteit. De internationale afspraak is echter niet gehaald. De landen zijn er niet in geslaagd de afname van biodiversiteit significant te verminderen.

4.

Meer informatie

 
  • Contact
  • Home